Vertel eens van het erwtje mama

Dat is wat ze vroeg. Hoe zo’n erwtje op haar bord kon belanden, dat wilde ze graag weten. Zij, de grote kleine dochter van bijna 5 jaar oud.

 

Er was eens een erwtje, dat groeide aan een erwtenstruik. Op een héél groot veld met allemaal andere erwtjes. Het erwtje hield veel van de zon en de regen. Maar het meeste hield het erwtje toch van zijn broertjes en zusjes waarmee hij samen in de peul woonde. Eerst waren ze klein, maar al snel vulden ze met zijn allen de peul en zaten ze knus tegen elkaar aan.

Op een dag kwam de rooimachine het grote erwtenveld op, en alles begon te schudden. De erwtenpeulen werden van de struik gehaald en ze gingen in een grote kar. De broertjes en zusjes vonden het wel gezellig, met zijn allen op reis. De grote kar stopte bij een erwtjesfabriek en daar werden de erwtjes uit hun peulen gehaald. De broertjes en zusjes verloren elkaar uit het oog, eerst in het koude bad en later in het hele hete. Daarna werd het heel erg koud, de erwtjes konden niet meer bewegen. En dus ook niet meer zien waar de broertjes en zusjes waren. Ze vielen in slaap van de kou en kwamen tussen allemaal vreemde erwtjes in een zak terecht.

In een grote vrachtwagen werden de erwtjes naar de winkel gebracht. Daar lagen ze in de vriezer te wachten, tussen de vissticks en de ijsjes. Tot op een dag een mama een zak erwtjes wilde kopen. De erwtjes gingen mee naar huis en het werd al minder koud in de zak. Langzaam werden de erwtjes wakker, maar om zich heen kijken konden ze nog altijd niet.

Het werd licht in de zak en met zijn allen gleden de erwtjes in een pan met kokend water. Ineens klaarwakker herkenden de erwtjes elkaar alweer, ze waren al die tijd samen geweest met hun broertjes en zusjes! Wat een feest was het in de pan, met zijn allen zwommen ze, voor de laatste keer.

En nu liggen de erwtjes op jouw bord, en de helft van de broertjes en zusjes heb je al opgegeten. De ander erwtjes zouden zó graag weer bij hen zijn, dus eet je bordje nu maar leeg. Dan zijn ze voor altijd bij elkaar.

Waarop mijn dochter naar haar bord keek en zei: “Ja, maar dan zijn ze wel allemaal stuk!”

3 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.