Buitenlanders, een eenvoudige uitleg.

Kijk, zo heel ingewikkeld is het niet. Je hebt Nederland. En daarbuiten noemen we het buitenland. Er is dus heel veel buitenland. En wie wonen daar? Buitenlanders! Nu zijn er mensen die zeggen, dat er in Nederland ook buitenlanders wonen. En dat mag niet, van sommige Nederlanders. Want de buitenlanders pakken onze banen af, stelen onze uitkeringen en verkrachten onze vrouwen. En vooral de buitenlanders die uit hun eigen land vluchten naar het buitenland, Nederland dus. Zij worden gelukszoekers genoemd. Dat zijn de ergste zeggen ze, want ze hebben niks. En dus zullen ze alles wel van ons Nederlanders willen stelen. Want zo zijn ze. Want we kennen ze niet. En wat we niet kennen is per definitie verdacht. Dus moeten we proberen te houden wat we hebben. Voor onszelf. Want wij verdienen het. Zegt men. Ik zou niet weten waarom. Hier staan we even stil bij het feit dat Nederland nog niet 1% van het aardoppervlak beslaat. Er is dus iets meer buitenland dan Nederland.

Ik zou niet weten waarom je afkomst recht geeft op een goed bestaan. Waarom de plek waar je geboren bent bepalend is voor hoe goed het met je mag gaan. Waarom niet iedereen de keus heeft op een goede plek zijn bestaan op te bouwen.

Dus vertel me eens, waarom een vluchteling niet welkom is. Vertel me waarom jij het beter moet hebben dan een ander. Vertel me waar je bang voor bent. En als je dan toch lekker op de praatstoel zit, vertel me dan ook maar waar jij heen zou gaan, als de bommen in je straat vallen. Of je geholpen zou zijn met een bed in een gymzaal. In een dorp, in een stad, waar mensen aan de hekken staan om je weg te jagen. Waar vaders zich willen bewapenen tegen het kwaad dat jij in de zin hebt. Want dat je gekomen bent om ellende te veroorzaken staat vast. Terwijl je alleen maar een keer echt wil slapen. Met je gezin bij elkaar wil zijn. Om opnieuw te kunnen beginnen, om je trauma’s te vergeten. De beelden van moord en marteling uit je hoofd te verdrijven.

Of ben je niet slecht? Ben je alleen maar bang? Bang en op de vlucht, zonder huis. De laatste keer dat je je familie sprak is al weken geleden. Of ze nog leven weet niemand, dat je ze ooit terug ziet durf je niet meer te hopen.

En dan protesteren mensen tegen je, mensen die je niet kent. Ze zijn bang voor geweld, dus ze komen met stokken. Ze zijn bang voor haat, dus ze schreeuwen leuzen. Ze kennen je niet, ze zijn bang. Ze kennen je niet, ze zijn bang. Ze kennen je niet, ze zijn bang. Ze kennen je niet, ze zijn bang.

Ik ben Inge. Ik ben niet bang. En ik wil je leren kennen. Welkom.

Eén reactie

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.